Xenia Stad-De Jong

Xenia Stad-De Jong

Naam: Xenia Stad-de Jong
Geboren: 4 maart 1922 te Semarang (Java, Nederlands-Indië)
Overleden: 3 april 2012 te Zoetermeer

1948, Olympische Spelen XIV te Londen, Verenigd Koninkrijk
Sport: atletiek
Onderdeel: 100 meter
Prestatie: in de tweede halve finale uitgeschakeld
Onderdeel: 4 x 100 meter estafette
Prestatie: goud in 47,5 sec.

Geboren op 4 maart 1922 in de stad Semarang, in het vroegere Nederlands-Indië, keerde het gezin De Jong al voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog naar Nederland terug. Daar gingen ze in het Haagse Statenkwartier wonen. Vader was in Indië directeur van de Javasche Houthandelmaatschappij geweest en mocht zich tot de sociale bovenlaag rekenen.

Moeder, die in Indië geboren was, hield van paardrijden en vader deed aan voetballen, maar hardlopen was er niet bij. In Indië blonk Xenia uit in zwemmen en was ze lid van de Indische zwemploeg, met wedstrijden tegen Australië en Nieuw-Zeeland. Op de vraag waarom zij daar in Nederland niet mee is doorgegaan, antwoordde ze enkele jaren voor haar overlijden in een interview met Sport.nl, dat je in Indië de hele dag kon zwemmen: "Maar hier ging je naar de Mauritskade, dat zwembad. Nou dan mocht je een uur naar binnen, aan- en uitkleden erbij. Als ik wat baantjes had gezwommen was het ‘tuut’ en moest je er weer uit. Daar had ik geen zin in en toen ben ik helemaal op de atletiek overgegaan en lid geworden van de damesatletiekvereniging de Meeuwen."

Daar bleek ze wel talent te hebben, en zo stroomde ze al snel door: "Ik was lid van een atletiekvereniging en dan schrijf je in op wedstrijden. Nou en dan hoor je bij de eerste drie of in de finale en dan bij de eerste zes en zo kwamen wij in de nationale selectie terecht."

Na afloop was er erwtensoep
Om te kunnen trainen ging ze naar het sportpark aan de Laan van Poot en naar Amsterdam voor de centrale training onder leiding van Jan Blankers. "Trainen ging ook in de bossen bij Hilversum, dat was zwaar. Dan moest je door het bos rennen, heuvel op heuvel af en na afloop was er erwtensoep. In de aanloopfase werd er in Amsterdam aan indoortraining gedaan, in de gymzaal van de HBS aan de Raamstraat. Een paar keer in de week en soms ook ’s avonds. Na het inlopen deed je gymnastiek om je fit te houden en dan moest je korte sprintjes trekken, lastige sprintjes en je moest starten natuurlijk. Snel leren starten, dat werd ons allemaal geleerd."

Stad werd geselecteerd om deel te nemen aan de Olympische Spelen in 1948 in Londen. Veel gelegenheid om in de Britse hoofdstad rond te kijken was er niet, de dagen waren gevuld met trainen. Stad bewaarde leuke herinneringen aan de openingsceremonie: "Het was vlak na de oorlog, we kregen een grijze rok en twee grijze blouses, korte mouwen en een blauw jasje met het embleem van Nederland er op. Maar schoenen..., de één had bruine, de ander had zwarte en dan moest je daarlangs defileren, langs ... was het niet de koning toen? Nou dan werd er gezegd ‘koppen rechts’, zo heette dat."

Wij werden nooit genoemd
Xenia Stad deed mee aan de 100 meter en was startloopster op de 100 meter estafette. Samen met Gerda van der Kade, Netty Witziers en Fanny Blankers-Koen werd goud behaald. Na afloop van de Spelen keerden de vrouwen terug naar hun woonplaats, maar de thuiskomst werd een grote teleurstelling. Stad: "Ik stapte uit op Hollands Spoor en op het perron stond een oude heer en die zei: ‘Welkom en gefeliciteerd’ en ik denk ‘Waar staan al die mensen?’ Want er werd gezegd ... niemand, nee niemand! Maar dat komt doordat de pers aldoor heeft gezegd, dat heeft kwaad bloed gezet bij Gerda van der Kade. Het was altijd: Fanny heeft vier gouden medailles. Fanny dit ... en wij werden nooit genoemd. Dat vond ik toen zo erg, dat was haar schuld niet, van Fanny niet. Dat was de schuld van de pers. Dus we werden nooit genoemd, we zeiden wel tegen elkaar ‘Gut, Fanny heeft de estafette gewonnen. Wij hebben niet meegelopen', zeiden we al."

Gevraagd naar haar mooiste en haar slechtste herinnering aan haar sportloopbaan vertelde ze: "De overwinning in Londen, natuurlijk. Maar slechte ervaringen heb ik niet. De ene keer verlies je, de andere keer win je weer. Nee, ik kan het niet als slecht ervaren hebben."

Bronnen:
• Sportportretten Sport.nl
• Statistische gegevens: Olympisch Oranje, Ton Bijkerk (Tirion Sport, 2008)
• Foto: ANP