Zo sport Nederland

Om zoveel mogelijk mensen de kans te geven meer te sporten en te bewegen zijn feiten, cijfers en inzichten over sport en beweegdeelname een nuttige basis. Welke sporten worden veel beoefend? Welke doelgroepen sporten juist heel vaak of relatief weinig? Kortom: Hoe sport Nederland eigenlijk?

In het rapport Zo Sport Nederland  vind je de laatste ontwikkelingen op het gebied van sportdeelname in Nederland van de de jaren 2013-2018. Het rapport dient als bron van informatie voor de hele sportbranche van Nederland. Het toont zowel de ontwikkeling van het aantal actieve sporters in Nederland als de ontwikkeling van leden en lidmaatschappen de sportbonden aangesloten bij NOC*NSF.

Enkele bevindingen:

Ontwikkeling van sporters:

In 2018 hebben 10,1 miljoen Nederlanders gedurende een maand of langer minimaal één keer per week gesport. Dit is 65% van de Nederlandse bevolking tussen 5 t/m 80 jaar. Elk jaar neemt het aantal sporters toe. Niet alleen gaan meer mensen sporten, ook sporten mensen vaker. In 2018 sportte Nederland gemiddeld 9,1 keer per maand.

Ontwikkeling van lidmaatschappen:

In 2018 waren er 4.314.000 leden lid bij één of meerdere sportbonden die aangesloten zijn bij NOC*NSF. Een lid kan meerdere lidmaatschappen hebben, bijvoorbeeld bij meerdere bonden of bij dezelfde bond. De 4,3 miljoen leden hadden in 2018 samen een totaal van 5.146.000 lidmaatschappen bij de sportbonden aangesloten bij NOC*NSF.

Ontwikkeling sporten buiten verenigingsverband:

Het aantal sporters is ruim twee keer zo hoog als het aantal leden. Dit betekent dat in 2018 het marktaandeel van de totale sportbonden iets minder is dan 50 procent. Over de jaren heen neemt het percentage leden minimaal af, terwijl het percentage sportdeelname stijgt.

Demografische ontwikkelingen:

jeugdsport:

Eén op de vijf sporters bestaat uit jeugd (5 t/m 18 jaar), terwijl ruim één derde van de leden uit jeugd bestaat. Dit betekent dat jeugd relatief meer in verenigingsverband sport dan volwassenen (19 t/m 80 jaar). Deze verhoudingen zijn de afgelopen jaren hetzelfde gebleven.

na puberteit:

Het percentage sporters, leden en mensen die samen sporten (ongeorganiseerd en georganiseerd) laat ongeveer dezelfde trend zien. Het percentage samen sporten is bij jeugd 10 t/m 14 jaar het hoogst met 76 procent. Daarna volgt er een sterke daling in het percentage samen sporten tot ongeveer 55 procent tussen de leeftijden 20 en 24 jaar.

Ontwikkeling sportdeelname:

Jeugd sport altijd al veel. De leeftijdsgroep 31 t/m 44 jaar is relatief het meest gestegen met 11 procent. Ook de leeftijdsgroepen 45 t/m 64 jaar en 65 t/m 80 jaar wordt steeds sportiever en kennen een stijging van 10 procent vergeleken met 2013.

Mannen/vrouwen:

Mannen en vrouwen sporten bijna evenveel, maar mannen zijn relatief meer lid bij een sportvereniging.

Alle bevindingen weten? Download het rapport:

Meer sportonderzoek in opdracht van NOC*NSF