Turnploeg Amsterdam 1928

Olympische Spelen IX Amsterdam 1928
Sport: gymnastiek
Onderdeel: vrouwenteam
Prestatie: goud

De drie belangrijkste olympische sporten zijn atletiek, turnen en zwemmen. Sinds 1912 mogen vrouwelijke zwemmers meedoen aan de Spelen, maar tot 1928 waren die andere twee sporten verboden voor de dames. Amsterdam had daarmee de primeur dat voor de eerste keer vrouwelijke atleten en turnsters meededen.

Het begon wel heel voorzichtig met slechts één turnonderdeel voor de vrouwen: de competitie van nationale teams. Een sportjournalist schreef over de Nederlandse ploeg:

‘De Hollandsche turnsters werkten aan een lage, vervolgens aan hooge brug om met ringenzwaai te eindigen. Mooie oefenstof – niet te zwaar -, logisch samengesteld, keurig klassikaal uitgevoerd, prachtig van orde en leiding, in één woord subliem.’

Na twee wedstrijddagen stonden deze vrouwen op de eerste plaats, waarmee zij de eerste vrouwelijke olympische kampioenen van ons land zijn. Daarna verdwenen deze sporters in de anonimiteit.

Daardoor is het de meeste mensen ontgaan dat vier van deze turnsters én de coach tijdens de oorlog zijn vermoord in de concentratiekampen Sobibor en Auschwitz.

Het gaat hierbij om:
• Estella Blits – Agsteribbe (1909 – 1943), met man en twee kinderen vermoord in Auschwitz
• Anna Dresden – Polak (1906 – 1943), met man en dochter vermoord in Sobibor
• Helena Kloot – Nordheim (1904 – 1943), met man en dochter vermoord in Sobibor
• Judikeje Themans – Simons (1904 – 1943), met twee kinderen vermoord in Sobibor
• Gerrit Kleerekoper (1897 – 1943), met vrouw en twee kinderen vermoord in Sobibor, coach

Slechts één Nederlandse jodin uit deze turnploeg overleefde de vernietigingskampen. Elka de Levie, in 1926 Amsterdamse kampioene bij de befaamde Steenwedstrijden, overleed in 1979 in betrekkelijke anonimiteit.

In 2010, dus ruim tachtig jaar later, werden op initiatief van het Olympisch Stadion gedenkstenen gelegd bij de voormalige woonhuizen van deze sporters. Sportjournalist en schrijver Erik Brouwer onderzocht in diezelfde tijd het lot van deze joodse turners. Zo stuitte hij op het verhaal van de turnploeg van 1928 en vond hij brieven van Kleerekoper, die hij schreef in de trein waarin hij werd afgevoerd naar het concentratiekamp. Het is het gruwelijke lot van de Nederlandse turnploeg van 1928.

De ploeg bestond naast de genoemde vrouwen uit: Co Stelma, Mien van den Berg, Alie van den Bos, Annie van der Vegt, Nel van Randwijk en Hendrika Alida van Rumt.

Bronnen:
• www.sportgeschiedenis.nl
• Foto: Archief NOC*NSF