Daniëlle de Bruijn

Daniëlle de Bruijn

Naam: De Bruijn, Daniëlle
Geboren: 12 februari 1978 te Vlaardingen
Sport: waterpolo

2008, Olympische Spelen XXIX te Beijing
Onderdeel: vrouwenteam
Prestatie: goud, topscorer van het toernooi

2000, Olympische Spelen XXVII te Sydney
Onderdeel: vrouwenteam
Prestatie: vierde plaats, topscorer van het toernooi

Na een reeks moeizame toernooien met teleurstellende resultaten ging ze bij Oranje voortijdig met pensioen. Op aandringen van bondscoach Robin van Galen keerde Daniëlle de Bruijn in 2005 terug in het nationale team. Het bleek een gouden greep, want met zeven doelpunten had de topscorer van het olympisch toernooi in Beijing donderdag 21 augustus 2008 een belangrijk aandeel in de historische olympische titel van de waterpolosters.

Het werd een gouden medaille vol emotionele waarde voor De Bruijn. Evenals haar coach Van Galen droeg ze het succes op aan Nick van den Heuvel, een 19-jarige speler van haar club GZC Donk uit Gouda, die kort daarvoor overleed. “Ik wil dat dit in zijn herinnering is'', zei een tot tranen toe geroerde De Bruijn.

Droomstart
De destijds 30-jarige speelster kende een droomstart tegen de Verenigde Staten. Binnen een paar minuten had ze al drie keer gescoord. Hoewel Nederland daarna een 4-0-voorsprong verspeelde en de spanning in het bad toenam, bleef De Bruijn de Amerikaanse keepster passeren. Met haar fluwelen linkerhand gooide ze de ballen er achter elkaar in. “Alles klopte gewoon'', zei de zelf ook wat verbouwereerde De Bruijn. “Al heb ik dit ook aan het team te danken. Als de rest niet goed speelt, kan ik er geen zeven inschieten. We zijn als ploeg altijd voor elkaar blijven vechten, daarom zijn we hier zo ver gekomen.''

Met haar zevenklapper en haar totaal van zeventien doelpunten kroonde ze zich voor de tweede keer in haar loopbaan tot olympisch topscorer. Acht jaar eerder in Sydney beleefde ze echter beduidend minder plezier aan haar elf treffers. Het toenmalige Oranje greep als een van de kanshebbers net naast de medailles. Drie jaar later beëindigde ze na nog meer teleurstellingen haar interlandloopbaan. In 2005 vroeg Van Galen haar terug te keren. De bond benaderde hem na de tegenvallende wereldtitelstrijd in Montréal om bondscoach te worden. Van Galen wilde echter alleen met de bond in zee als hij over De Bruijn kon beschikken.

Na enige bedenktijd gaf ze hem haar woord. “Ik moest wel even nadenken of ik mijn leven weer voor het waterpolo opzij wilde zetten. Ik kende Robin van de club van heel lang geleden. Alleen voor hem heb ik het gedaan.''

Dankzij het aandringen van Van Galen bezorgde De Bruijn zichzelf na 286 interlands een droomafscheid. Haar sterke optreden was extra opvallend omdat ze dit toernooi met een gescheurde kruisband in een knie speelde. Na terugkeer in Nederland ging ze onder het mes. "In het water had ik ook geen last van de knie. Nu heb ik tijd voor een operatie.''

Bronnen:

  • ANP
  • Olympisch Oranje, Ton Bijkerk (Tirion Sport, 2008)