1996, Olympische Spelen XXVI te Atlanta
Sport: hockey
Onderdeel: mannentoernooi
Prestatie: goud
Datum finale: 2 augustus 1996

De Nederlandse hockeyers hebben bij de Olympische Spelen woord gehouden. Ze wilden in Atlanta 1996 historie schrijven. Dat lukte in het volgepakte stadion van het Morris Brown College.

Oranje won in de finale met 3-1 van Spanje, na een achterstand van 0-1. Floris Jan Bovelander, spelend op halve kracht, was de grote man met twee treffers uit strafcorners. Ook Bram Lomans scoorde uit een korte hoekslag. Nooit eerder pakte het Nederlands mannenteam goud bij het olympisch toernooi. In 1928 en in 1952 ging het nog fout in de eindstrijd.

Nederland begon als onbetwiste favoriet aan de laatste wedstrijd van het olympische hockeytoernooi. De cijfers tegen Spanje logen immers niet: in een reeks van zestig wedstrijden sinds 1928 verloor Nederland slechts zes keer, tegen veertig overwinningen en veertien remises. De laatste nederlaag stamt uit 1986 bij het WK in Londen (1-4). Sindsdien bleef Oranje in 25 duels met Spanje ongeslagen.

Prins Willem-Alexander
Nederland, bekeken door bijna het halve kabinet en prins Willem-Alexander, startte in de beproefde opstelling. Veel ruimte om te combineren kreeg Oranje aanvankelijk niet. Spanje verdedigde hecht en fel. Het eerste schot op doel viel pas in de tiende minuut en kwam op naam van invaller Remco van Wijk. Hij mocht even aanvoerder Marc Delissen vervangen, die een schaafwond op zijn schouder moest laten behandelen. Van Wijk kwam snel in kansrijke positie, maar zijn schot miste kracht en richting om doelman Jufresa te verrassen.

Kort nadat Nederland de eerste strafcorner had verprutst (Delissen stopte verkeerd), kreeg Spanje een droomkans. Floris Jan Bovelander verloor de bal aan Juan Escarre, die meteen een vrij veld had. Met een fraaie redding voorkwam doelman Ronald Jansen een vrijwel zekere achterstand. De ervaren sluitpost van Den Bosch moest tot aan de rust nog drie keer ingrijpen. Hij was de enige speler in het Nederlandse team die in het eerste helft een ruime voldoende haalde. Vooral verdedigend rammelde het bij het ietwat uitgebluste Oranje aan alle kanten.

Het kanon van Bloemendaal
Na de rust verbeterde Nederland zich amper. Aanvallend kreeg de ploeg van Oltmans meer mogelijkheden, maar defensief bleef Oranje kwetsbaar. In de 45e minuut profiteerde invaller Pujol van een dekkingsfout van libero Erik Jazet. Diens suizende schot in de korte hoek was zelfs uitblinker Jansen te machtig, 0-1.

Het amechtige Nederland leek verslagen. Een succesvolle schuiver van Floris Jan Bovelander uit de derde strafcorner bracht Oranje terug in de wedstrijd. Drie minuten later scoorde het kanon van Bloemendaal opnieuw en op identieke wijze: 2-1. Het waren misschien wel de enige echt geslaagde acties van de niet topfitte routinier in de enerverende finale. Maar niemand die van het lome spel van Bovelander een punt maakte. Dankzij 'Flop' schreef Oranje hockeygeschiedenis in Atlanta. In de slotfase verbond ook Bram Lomans, wederom uit een strafcorner, zijn naam nog aan de gedenkwaardige uitslag: 3-1.

De selectie van Bondscoach Roelant Oltmans: Ronald Jansen, Bram Lomans, Leo Klein Gebbink, Erik Jazet, Tycho van Meer, Wouter van Pelt, Marc Delissen, Jacques Brinkman, Maurits Crucq, Stephan Veen, Floris Jan Bovelander, Jeroen Delmee, Guus Vogels, Teun de Nooijer, Remco van Wijk, Taco van den Honert.

Bronnen:
• ANP
• Foto: ANP