Transgenders en sport: richtlijnen voor sportverenigingen

Enkele richtlijnen die verenigingen kunnen volgen om sportdeelname van transgenders mogelijk en prettig te maken:

Informeren bij de bond

Verenigingen kunnen zich met vragen over de sportdeelname van transgenders wenden tot de vertrouwenscontactpersoon van hun bond. Vraag naar de ervaring van de bond met de sportdeelname van transgenders en welke ondersteuning zij biedt. Verschillende bonden hebben al ervaring met de sportdeelname van transgenders. Bijvoorbeeld de KNHB, KNVB, Nevobo, KNKV, Atletiekunie en NTTB. Zo niet, dan kan de bond informatie inwinnen bij NOC*NSF.

Als de sporter competitie op breedtesportniveau wil spelen in de sekse die officieel erkend is (in het paspoort staat), is er geen verantwoordelijkheid om dit te melden aan de bond of hier dispensatie voor te vragen. Als een sporter competitie wil spelen in een andere sekse dan de geregistreerde sekse, dan is het goed om met de bond te overleggen hoe dit ingeregeld kan worden.

Geslachtsregistratie wijzigen en dispensatie

De vereniging kan de bond vragen de wedstrijdregistratie van de sporter te wijzigen naar het gewenste geslacht. Ook op de spelerspas. Niet alle bonden hanteren hiervoor dezelfde procedure. De vertrouwenscontactpersoon van de bond is vaak eerste aanspreekpunt. Maar verzoeken kunnen ook schriftelijk worden ingediend. Ook kan een vereniging dispensatie aanvragen zodat de sporter in het gewenste gender deel kan nemen aan competitie . Vraag de bond om een schriftelijke bevestiging.

Keuze voor een team of groep

Bij de keuze voor een team staat acceptatie van de transgender sporter voorop. Ook de wensen en behoeften van de sporter, de persoonlijke situatie, leeftijd, geboortegeslacht en de transitiefase bepalen mede de keuze voor een bepaald team. Om te komen tot een gedegen keuze is het goed de volgende stappen te doorlopen:

  • Bepaal in overleg met de transgender sporter en eventueel ouder(s) wat zijn of haar wensen en behoeften zijn en in welk team/groep hij/zij bij voorkeur uitkomt. Verschillende overwegingen kunnen hierbij een rol spelen. Zo deelde een hockeyvereniging een 17-jarige transvrouw in een seniorenteam/groep in, in plaats van in een juniorenteam/groep. De verwachting was dat zij in dit team/groep makkelijker geaccepteerd zou worden.
  • Bespreek de situatie met de coach, trainer en/of begeleider van het beoogde team/groep en de transgender sporter en eventueel ouder(s). Dit kan onder begeleiding van de vertrouwenscontactpersoon van de vereniging of de bond.
  • Overleg met de transgender sporter en eventueel ouder(s) of en zo ja hoe de transgenderidentiteit wordt gecommuniceerd binnen het team/groep.


Coming-out

De praktijk leert dat ‘uitkomen’ binnen het eigen team/groep door veel transgenders als wenselijk wordt ervaren. Voor een transgender die niet open is, kan het belastend zijn om met dit geheim rond te lopen en hopen dat niemand het zal ontdekken. Zeker tijdens en rondom het sporten kan dit extra lastig zijn.

Transjongens en -meisjes kiezen er vaak voor om binnen het eigen team/groep open te zijn over hun genderidentiteit. Openheid richting dichtbije omgeving wordt, zeker voor jongeren in de beginfase van hun transitie, gestimuleerd door ervaringsdeskundige en (hulp)organisaties. Hoe zij hun coming-out invullen verschilt. Sommigen vertellen het zelf aan hun team/groep, al dan niet met ondersteuning van hun trainer en coach. Anderen doen dit middels een brief. Belangrijk is dat de sporter bepaalt of en hoe hij/zij ‘uitkomt’.
 
Of ook anderen binnen de vereniging op de hoogte worden gesteld is aan de sporter zelf. Transgenders die al verder zijn in hun transitie, wegen af wat de voor- en nadelen zijn van het geven van openheid. Uitkomen binnen de gehele verenging wordt door hen lang niet altijd als wenselijk of noodzakelijk ervaren. Sommige maken hun genderidentiteit alleen binnen het team/groep kenbaar. Welke keuze de sporter ook maakt, discretie van leden, trainer, coach en het bestuur is gewenst.

Het is goed te weten dat een coming-out van transgenders verschilt ten opzichte van een coming-out van homo’s, lesbiennes en biseksuelen. Bij een transgender gaat het om erkenning van de nieuwe genderidentiteit: man of vrouw en het al dan niet communiceren over de identiteit uit het verleden. Er zijn ook transgenders die zichzelf niet als volledig man of vrouw beschouwen, maar zich meer identificeren met de term ‘transgender’. 

Omkleden en douchen

De transgender, en eventueel zijn/haar ouder(s), bepaalt in overleg met de vereniging waar hij/zij omkleedt en doucht. Sommige transgenders maken de keuze om te kleden en douchen in dezelfde ruimte als hun teamgenoten. Anderen gebruiken een aparte kleed- en doucheruimte. Bijvoorbeeld de kleedkamer voor scheidsrechters. De keuze hangt af van de wensen en behoeften van de sporter, de transitiefase en het acceptatievermogen van het team of de groep. Belangrijk om te weten is dat omkleden en douchen bij teamsporten onderdeel is van het teamproces. Niet omkleden en/of douchen in dezelfde ruimte leidt mogelijk tot uitsluiting. Bovendien stimuleert dit bij sommige transgender de gedachte ‘anders’ te zijn. Voor anderen vormt dit daarentegen geen enkel probleem.

Tegenstanders en uitwedstrijden

Tegenstanders en het spelen van uitwedstrijden vormen zelden een probleem. Toch is het goed wanneer verenigingen:

  • Bij de bond een bevestiging aanvragen van de verleende dispensatie.
  • Een brief opstellen waarin zij de situatie uitleggen en wijzen op de goedkeuring van de bond. Als tegenstanders vragen hebben, is de situatie uit te leggen middels dit schrijven.
  • Voorafgaand aan een uitwedstrijd een aparte kleedruimte voor de sporter aanvragen bij thuisspelende vereniging, als de sporter dit wenst. In een brief (of e-mail) legt de vereniging de situatie uit en wijst op de goedkeuring van de bond.

Transitie van een bestaand lid

De meeste transgenders zoeken een nieuwe vereniging op het moment dat zij starten met hun transitie. Ze kiezen soms om dit te melden, maar we zien ook transgenders die niets melden en hun transgender-zijn verborgen (proberen te) houden op hun nieuwe vereniging.

Hun huidige vereniging kan hen ondersteunen bij deze zoektocht. Anderen blijven lid van hun huidige vereniging. Moeilijkheid daarbij is wel dat de transitie eerder en per definitie bij een grotere groep bekend wordt. Ook bij mensen die niet door de sporter of vereniging geïnformeerd werden. Een vereniging kan de eerder beschreven richtlijnen gebruiken ter ondersteuning. Extra aandacht voor de coming-out van de sporter is gewenst. Met name met betrekking tot bijvoorbeeld het gebruik van een andere -nieuwe- kleedkamer. De sporter bepaalt of en zo ja hoe en in hoeverre de transitie binnen de vereniging gecommuniceerd wordt. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een door de sporter geschreven brief.

Ondersteuning tijdens de transitie

De transitieperiode is voor sportende transgenders een moeilijke fase. Ondersteuning van de trainer, coach, het bestuur en de vertrouwenscontactpersoon zorgen voor een veilige en prettige omgeving. Binnen het team/groep en daarbuiten.

Transjongens lopen door het gebruik van puberteitsremmers in hun ontwikkeling achter op (als jongen geboren) leeftijdgenoten. De overgang naar een jongensteam kan daardoor in het begin groot en spannend zijn. Sommige transjongens kiezen daarom om pas later de overstap te maken. Zo koos een transjongen ondanks zijn jongensachtige uiterlijk om competitie te spelen in een meisjesteam. Dit voelde voor hem veiliger. Wel trainde hij mee met een jongensteam. Voor de (borst)operatie keerde hij terug bij zijn oude vereniging. Daar komt hij nu uit in een jongensteam.

De overstap van transvrouwen naar een damesteam gaat soms gepaard met protest(en). Veelal wanneer de sporter nog mannelijke kenmerken vertoont en wegens een vermeend fysiek voordeel. Voor transmeisjes geldt dit in mindere mate. Zij maken de transitie eerder door en vertonen daardoor minder vaak mannelijke kenmerken.