Ten aanzien van breedtesport stelt NOC*NSF dat de transgender sporter moet kunnen sporten in het door hem/haar gewenste geslacht - onafhankelijk van het geboortegeslacht en paspoortregistratie - en niet uitgesloten mag worden van het gebruik van kleed- en douchefaciliteiten. Uitvoering gebeurt allemaal in overleg met de sporter (en/of ouders).

Waar er ten aanzien van topsport vaak regels zijn omtrent de sportdeelname van transgenders, zijn die er voor de breedtesport meestal niet. Hoewel iedere casus anders zal zijn, geven we enkele richtlijnen die bonden kunnen volgen om sportdeelname van transgenders mogelijk en prettig te maken.

Dispensatie verlenen/geslachtsregistratie aanpassen

Dispensatie voor wedstrijden
Als het om wedstrijden gaat, vragen verenigingen en/of de transgender sporters dispensatie aan om in het gewenste gender te kunnen sporten. Bijvoorbeeld wanneer de geslachtregistratie in het paspoort (nog) niet overeenkomt met de genderidentiteit en het geslacht waarin zij wensen de sporten. 

Als de sporter competitie op breedtesportniveau wil spelen in de sekse die officieel erkend is (in het paspoort staat), is er geen verantwoordelijkheid om dit te melden aan de bond of hier dispensatie voor te vragen (en zijn er ook geen redenen om deze sporter te weigeren).

Dispensatie op grond van leeftijd
Verenigingen en sporters kunnen ook om andere redenen dispensatie aanvragen. Zo vroeg een 18-19 jarige sporter dispensatie aan om uit te komen in de junioren competitie. Iets dat vooral speelt bij transjongens. Zij lopen door het gebruik van puberteitsremmers in hun ontwikkeling achter op leeftijdsgenoten. Ook het omgekeerde komt voor. Zo koos een hockeyvereniging om een 17-jarige transvrouw in te delen in een seniorenteam. De verwachting was dat zij zich in dit team zich beter thuis zou voelen en de acceptatie wat soepeler zou verlopen dan in een team A-jeugd. 

Voorstander van uitlegbare dispensatie
NOC*NSF is voorstander van het verlenen van gevraagde en uitlegbare dispensatie. Mits dit niet leidt tot een onveilige of oneerlijke situatie. Als het gaat om een transvrouw die bij de vrouwen wil meesporten, speelt het vraagstuk of dat eerlijk is. Uit onderzoeken en uit de praktijk blijkt dat er vaak geen aantoonbaar fysiek voordeel is. Zeker als het kinderen betreft of als er gebruik gemaakt wordt van puberteitsremmers is geen voordeel te verwachten. Op latere leeftijd (als de sporter als jongen de puberteit wel heeft doorgemaakt), dan blijken fysieke operaties en hormoonbehandelingen eventuele verschillen te minimaliseren.

Als er al een fysiek voordeel is ten opzichte van teamgenoten en tegenstanders, is het de vraag hoe relevant dit voordeel is en of dit voordeel wel verband houdt met het transgender zijn.

Schriftelijke bevestiging door bond
Voor transgender sporters en verenigingen kan het prettig zijn dat de bond de verleende dispensatie schriftelijk bevestigt. De bond kan ervoor kiezen om daarbij te melden dat deze dispensatie/aanpassing opnieuw overwogen zal worden als de sporter op (sub)topsportniveau gaat deelnemen.

Aangepaste spelerspas
Veel transgenders zetten een sociale transitie in, wat betekent dat ze (steeds) meer gaan leven in de door hen gewenste gender. Deze sociale transitie begint soms al hele jong, zelfs al vanaf kleuterleeftijd. Transgenders kunnen vanaf dat ze 16 jaar zijn, hun geslacht ook wijzigen in identiteitsdocumenten. Toch zullen lang niet alle transgenders hun geslacht in hun ID laten aanpassen. Bonden bevorderen de sociale transitie door het geregistreerde geslacht aan te passen en door een aangepaste spelerspas te verstrekken. Ook in dit geval kan het voor de transgender sporter en vereniging prettig zijn wanneer zij een bevestiging van de aanpassing (dispensatie) ontvangen.

Bonden met ervaring
Bonden die hier al ervaring mee hebben zijn onder andere de Nevobo, KNHB, KNVB, KNKV, Atletiekunie en NTTB.

Coming-out

Hoe en in hoeverre de transgenderidentiteit naar buiten wordt gecommuniceerd is aan de sporter zelf. In overleg met het bestuur, coach, trainer en eventueel ouder(s) bepalen zij wat wel en niet te communiceren, hoe zij dat doen en aan wie. Dit gesprek kan plaatsvinden onder begeleiding van een vertrouwenscontactpersoon.

Over het algemeen, zeker voor transjongens en -meisjes, is ‘uitkomen’ binnen het team wenselijk en belangrijk. 'Uitkomen' binnen de verenging is niet noodzakelijk. Sommige sporters maken hun transgenderidentiteit bekend voor alle leden. Andere doen dit niet of in kleine kring. Ook dit is een keuze van de sporter en zijn/haar ouder(s).

Tegenstanders en uitwedstrijden

Over het algemeen kiezen transgender sporters er niet voor om tegenstanders en andere verenigingen op de hoogte te stellen van hun transgenderidentiteit. Afstemming met de transgender en eventueel ouder(s) is in deze van belang.

Om problemen als gevolg van onbegrip bij tegenstanders te voorkomen, is het voor zowel sporter als trainer en coach prettig wanneer een bond de verleende dispensatie schriftelijk bevestigt aan de sporter en aan de club en een schrijven maakt voor de trainer/coach. Deze bevestiging kunnen een trainer of coach aan de tegenstander tonen indien er vragen komen over de verleende dispensatie. De ervaring leert dat sportdeelname van transgender kinderen en jongeren zelden tot problemen leidt.

Als dit al tot problemen leidt, betreft het voornamelijk transjongens die nog uitkomen in een meisjescompetitie. Tegenstanders maken bijvoorbeeld opmerkingen over het jongensachtige uiterlijk van de sporter. Het is aan de scheidsrechter, trainers, coaches om degenen die zich hieraan schuldig maken aan te spreken op dit ongewenste gedrag.

Omkleden en douchen

Sommige transgenders kiezen voor het gebruik van een aparte kleedruimte. Zij kleden bijvoorbeeld om in de kleedkamer voor scheidsrechters. Wanneer een transgender te gast is bij een andere vereniging, kan de vraag om een aparte kleedkamer de nodige vragen opwekken.

Voor zowel sporter als vereniging is het daarom prettig wanneer een bond bevestigt de keuze van de sporter te steunen. Dit kan gebruikt worden in een schrijven van de vereniging of sporter zelf, bestemd voor de tegenpartij.

Beleid en communicatie vanuit sportbond

Sportbonden kunnen transgenders en hun verenigingen helpen om sportdeelname en de acceptatie daarvan soepel te laten verlopen door zelf hun beleid vast te stellen en daarover goed te communiceren. Onderstaand enkele tips voor bonden:

  • Stel binnen de bond vast wat het beleid is omtrent de sportdeelname van transgenders. Neem deze richtlijnen van NOC*NSF als uitgangspunt en kijk hoe je die binnen de eigen bond kunt en wilt toepassen. Bepaal voor de eigen tak(ken) van sport waar de grens ligt tussen breedtesport en topsport.
  • Bespreek de (advies)rol die de bonds-vertrouwenscontactpersoon heeft ten aanzien van deze thematiek en neem deze thematiek expliciet op als aandachtsgebied van de vertrouwenscontactpersoon, dus ook in de tekst waarin hij/zij zich voorstelt.
  • Communiceer dit beleid intern binnen de bond, zodat de bond in één lijn spreekt als er vragen gesteld worden.
  • Communiceer dit beleid naar de verenigingen, door hierover melding te maken op de corporate website (zodat het vindbaar is) en door rechtstreekse communicatie naar verenigingen en hun vertrouwenscontactpersonen (bijvoorbeeld in een nieuwsbrief of website).
  • Laat via communicatie zien dat de bond de sportdeelname van transgender sporters steunt en dat transgenders en clubs met vragen terecht kunnen bij de bond. Geef daarbij ook aan bij wie zij terecht kunnen met vragen en hoe diegene bereikbaar is.
  • Bij (beleidsmatige) vragen kan de bond advies inwinnen bij NOC*NSF (Lieke Vloet) en bij vragen over acceptatie e.d. kan de bond terecht bij het Vertrouwenspunt Sport. Ook clubs en transgendersporters kunnen door de bond worden doorverwezen