Het bestedingsplan 2022-2023 is vastgesteld. Hoe nu verder?

Op 17 mei 2021 is door de Algemene Vergadering het advies van de werkroep Middelenverdeling overgenomen en het Bestedingsplan 22-23 vastgesteld.

Hoe gaan we nu verder met het Bestedingsplan en de zeven vervolgopdrachten die zijn gegeven door de algemene ledenvergadering (AV)?

Definitieve toekenningen Bestedingsplan 22-23

Bij de besluitvorming over het Bestedingsplan was een concept doorrekening opgenomen. Deze concept doorrekening is richtinggevend en kan door bonden gebruikt worden als basis voor hun begrotingscyclus. Voor de zomer komt er dus geen concept doorrekening meer zoals in voorgaande jaren gebruikelijk was.

Op dit moment worden nog een aantal cijfers van bonden gevalideerd en kleine correcties uitgevoerd. Vanaf 1 oktober zijn de aan te vragen bedragen zoals gebruikelijk zichtbaar in de VMS Portal. Daarna gaat het proces van aanvragen en toekenning van start zoals dat bekend is. Medio februari worden de definitieve toekenningen met de bond gecommuniceerd.

Vervolgopdrachten

In het door de AV vastgestelde advies zijn een zevental vervolgopdrachten opgenomen die voortvloeien uit de eerste opdracht aan de werkgroep middelenverdeling en nadere uitwerking vragen. Hieronder wordt per opdracht aangegeven hoe het vervolg er uit gaat zien en welke globale planning daar aan hangt.

 

1. Inrichting governance Bestedingsplan en afzonderlijke rubrieken
In het Bestedingsplan 2022-2023 zijn verschillende belangrijke aanpassing gedaan de toekenningssystematiek. Het gaat dan onder meer om: meer gewicht geven aan de Business/beleidsplannen van bonden, het voeren van peer-to-peer gesprekken met collega bonden en de begeleiding vanuit de werkorganisatie van NOC*NSF. Deze nieuwe werkwijze vraagt om een verdere uitwerking en concretisering.

De werkgroep Middelenverdeling gaat deze uitwerking ter hand nemen. De werkgroep Middelenverdeling bestaat uit:

  • Arjan de Vries – Sportcluster Veenendaal
  • Jeroen Steven – NGF
  • John Bierling – NOC*NSF
  • Marcel van ’t Hul – NOC*NSF
  • Norman Uhlenbusch – NHV
  • Paul Sanders – KWBN
  • Robin Baks – NKBV
  • Teun Plantinga – KNAS

Doel is om voor 1 december de uitwerking hiervan klaar te hebben, zodat bij de toekenningen de eerste stappen gezet kunnen worden in de nieuwe werkwijze.

 

2. Uitwerken programma nieuwe rubriek 4, Collectieve innovatie
Deze opdracht heeft een sterk inhoudelijke component gericht op innovatie. De verdere inhoud van de opdracht is uitgewerkt in de Startnotitie doorontwikkeling innovatiestrategie.
Op dit moment wordt een werkgroep samengesteld uit: 2 oud frontrunners (jonge collega’s die een uitgebreide opleiding hebben gevolgd rondom het thema innovatie de afgelopen jaren), 2 medewerkers uit de werkorganisaties van Bonden en 2 bondsdirecteuren.

Vanuit het perspectief van het Bestedingsplan gaat het hier om de besteding van de 1,5 mio, die collectief beschikbaar zijn gesteld voor innovatie.

Het voorstel van deze werkgroep wordt in november ter besluitvorming aan de AV worden voorgelegd.

3. Het aanpassen van de Minimale Kwaliteitseisen (MKE)
In de AV van 17 mei is naast het Bestedingsplan ook de nieuwe Code Goed Sportbestuur vastgesteld. Procedureel zijn de MKE verbonden aan het Bestedingsplan. Inhoudelijk is er echter een sterke verbinding met de Code. Om die verbinding goed te waarborgen is er een werkgroep vanuit de bonden samengesteld om tot een nieuwe MKE tekst te komen.

De werkgroep bestaat uit:

  • Erik Poel - KNLTB
  • Hendrik Koppe – Nederland Sport
  • Hinkelien Schreuder - Atletencommissie
  • Jitse Talsma – NOC*NSF
  • Marieke van der Plas - KNGU
  • Nienke Kingma – NOC*NSF
  • Norman Uhlenbusch - NHV
  • Paul Sanders - KWBN

De nieuwe werkgroep bereidt teksten voor en organiseert in september een bijeenkomst voor alle leden om input op te halen. Na verwerking van de input worden de MKE geagendeerd voor het ledenberaad voor een tweede ronde input. In november wordt de nieuwe tekst voorgelegd aan de AV ter besluitvorming

 

4. Nadere beoordeling Basisfinanciering NOC*NSF (AV mei 2022)
Zowel vanuit de werkorganisatie van NOC*NSF als vanuit een aantal leden bestaat de behoefte opnieuw inhoudelijk de basisfinanciering van NOC*NSF te bezien. Nu is de basisfinanciering gebaseerd op een afspraak vanuit 2011. Vanuit die afspraak is jaarlijks de basisfinanciering aangepast op basis van het principe “samen trap op en samen trap af”. Daarnaast zijn op een aantal momenten aanpassingen gedaan om bij aanpassingen van het takenpakket van de werkorganisatie van NOC*NSF. Tegelijkertijd zijn er meer activiteiten bij NOC*NSF beland.

Bij de ontwikkeling naar vereniging 3.0 past ook een herziening van de werkorganisatie, zoals ook al is belegd in de werkgroep bureauorganisatie. Niet onlogisch is om in het verlengde daarvan ook de financiering van de werkorganisatie en haar taken opnieuw te bezien.
Aansluitend op de werkgroepen Interne verenigingsorganisatie en de werkgroep bureauorganisatie wordt een werkgroep ingericht om ook de financiële doorvertaling ter hand te nemen.

Het huidige bestedingsplan is vastgesteld tot en met 2023. Qua timing moet in 2022 een eerste bespreking plaatsvinden en worden in november 2022 de kaders voor de werkorganisatie van NOC*NSF vastgesteld. In het voorjaar 2023 kan de definitieve invulling plaatsvinden in de voorbereiding van het Bestedingsplan 2024 e.v. In de tussentijd wordt er door verschillende werkgroepen input geleverd voor de taken die we werkorganisatie uit dient te voeren met bijpassende financiering.

 

5. Maatschappelijke Impact (SROI)
Een belangrijk onderdeel van de besluitvorming in mei wat de ambitie om met elkaar een SROI model te ontwikkelen voor de sport. Het primaire doel is om de impact van sport in beeld te brengen. Dat het model vervolgens ook benut kan worden voor het verdelen van middelen is een afgeleide daarvan.

De werkgroep Middelenverdeling gaat het traject om tot dit model te komen coördineren (zie 1). Hierbij zal gebruik gemaakt worden van externe deskundigen en de input vanuit de vereniging.

In september wordt als aftrap een bijeenkomst georganiseerd voor alle geïnteresseerden. De leden ontvangen hiervoor een uitnodiging. Doel is om in november 2022 een eerste voorstel in de AV te behandelen. De bedoeling is om de SROI samen met een grotere groep van bonden te ontwikkelen.

 

6. Aanscherping lidmaatschapsdefinitie
De huidige lidmaatschapsdefinitie kent een zeer minimale omschrijving. Een lid is omschreven als een persoon die minimaal 5 euro in het betreffende jaar, die bewust het lidmaatschap is aangegaan en waarvan de KISS gegevens bij de bond bekend zijn.

Door deze brede omschrijving zijn er veel interpretatieverschillen en creatieve oplossing bij bonden ontwikkeld. Doel van deze vervolgopdracht is om tot een scherpere definiëring te komen die ook leidt tot een meer uniforme uitleg en toepassing van het begrip lidmaatschap.

De werkgroep Middelenverdeling gaat deze opdracht oppakken. Voor 1 december volgt er een nadere uitleg van de huidige definitie om interpretatieverschillen te verkleinen.

Vervolgens zal de werkgroep een voorstel ontwikkelen voor het aanscherpen van de definitie voor het Bestedingsplan 2024 e.v.

 

7. Evaluatie en herziening model financiering Topsport (2023)
Als onderdeel van de 4-jaarlijkse cyclus, maar ook op basis van de wens van verschillende leden is de evaluatie en herziening model financiering Topsport geagendeerd.

Omdat de financiering van Topsport voor een deel vanuit het Bestedingsplan komt en voor een groot deel wordt aangevuld via een Instellingssubsidie van VWS, ligt het voor de hand dat de evaluatie en herziening ook in afstemming met het ministerie en vanuit de benodigde inhoudelijke expertise wordt opgepakt.
Het voorstel is daarom om in samenspraak met de afdeling Topsport tot een werkgroep te komen met deze specifieke opdracht. Het is de wens om deze meer dan technische evaluatie en herziening te laten aansluiten op een bredere discussie over het totale toekomstige topsportbeleid.

Het gaat er daarbij om hoe, naast de prestatiedoelstellingen, de maatschappelijke waarde van topsport integraal onderdeel kan worden van het topsportbeleid en de topsportfinanciering.
In het kader van de uitvoering van deelakkoord 6 van het sportakkoord is hiervoor een denkkader ontwikkeld, dat het vertrekpunt vormt van het verdere gesprek hierover binnen de sport en met de overheid en andere stakeholders.

Na de Spelen zal eerst een met name sporttechnische evaluatie worden uitgevoerd van het huidige beleid om vervolgens vooruit te kijken naar de nieuwe cyclus vanaf 2025. Ook zal een bredere evaluatie worden uitgevoerd in de vereniging. Dit houdt in dat er eind 2023 consensus moet zijn over de uitgangspunten van het nieuwe topsportbeleid.